Ergens Onderweg

Een zoektocht naar mijn eigen pad

Harder rennen en ontkennen

Een citaat dat ik onlangs las in Flow magazine. In alle eerlijkheid weet niet meer waarover het artikel ging. Maar deze woorden zijn me wel bijgebleven: ‘harder rennen en ontkennen’.

Is dit hoe ik (soms) in het leven sta? Misschien wel.
Na een tegenslag krabbel ik snel weer overeind en ga ik verder. Te snel?
Misschien wel. Al heb ik niet het idee dat ik wat er gebeurd is ontken (of misschien soms wel een beetje?), ik ga toch harder rennen.
Vanuit het idee: opnieuw beginnen en verwerken/rouwen kunnen prima samen bestaan of hand in hand gaan.

Zo was ik na het verlies van onze tweeling in 2015 (na 5 maanden zwangerschap) heel snel terug zwanger, van Nina. In plaats van mijn tijd te nemen na het verlies van onze kindjes, ging ik dus net harder rennen.
En ook al heb ik gevoel dat ik het verdriet en de rouw rond onze tweeling nooit ontkend heb, toch had ik – met wat ik nu weet – graag wat meer tijd genomen voor ik opnieuw zwanger werd. Meer tijd om te helen. Niet enkel voor mezelf, maar vooral ook voor Nina. Want de stress, zorgen en angsten die ik voelde toen ik zwanger was van haar (“stel dat ik ook haar kwijt geraak…”), dat is natuurlijk ook niet goed voor een groeiende baby. (Misschien maakt Nina zich net daarom zo snel zorgen, omdat die zwangerschap allesbehalve zorgeloos was?).

Ook in de liefde heb ik de neiging om hard te rennen. Op mijn 26ste zette ik een punt achter mijn relatie van 9 jaar, met mijn jeugdliefde. 9 jaar waren we samen. En nog geen 3 maanden later was ik samen met de papa van mijn (toen nog toekomstige) kinderen. Toen ook die relatie na 10 jaar, na een periode van veel pijn en conflict, op de klippen liep, ging ik… harder rennen.
Vrij snel leerde ik iemand nieuw kennen. Een leuke man die zowat alles leuk vindt wat ik leuk vindt. Dus gingen we ervoor, volle kracht vooruit. Harder rennen.

Te snel, zie ik nu in. Te veel. Terwijl ik – achteraf gezien – vooral tijd nodig had (en heb). Tijd. Ruimte.
Dus voel ik dat het nu tijd is. Tijd om deze tijd te nemen. Tijd om te stoppen met rennen. Om te vertragen. Dus probeer ik stil te vallen. Ik wandel, ik lees, ik voer eindeloze gesprekken met vrienden en ik zit gewoon wat te zitten in mijn voorhof. Gewoon zijn. En ik ween. Om wat was. Maar misschien nog meer om wat had kunnen zijn.

Niet meer rennen, niet meer ontkennen wat ik echt nodig heb.  

Plaats een reactie